Recht op bekendmaking prijs winnaar bij gunningscriterium laagste prijs?

Een aanbestedende dienst is gehouden zijn gunningsbeslissing deugdelijk te motiveren. De uit het transparantiebeginsel voortvloeiende motiveringsplicht is opgenomen in de Aanbestedingswet 2012 onder artikel 2.130. Bij een aanbesteding met het gunningscriterium laagste prijs ontving de afgewezen inschrijver enkel de mededeling dat de winnende inschrijver een lagere bieding had gedaan. De prijs van de winnende inschrijver werd niet bekendgemaakt. De vraag is of de aanbestedende dienst hiermee voldeed aan zijn motiveringsplicht.

Lieke Knoups advocaat bij Severijn Hulshof

Deze vraag werd voorgelegd aan de voorzieningenrechter van de Rechtbank Rotterdam (13 juli 2018, ECLI:NL:RBROT:2018:7960). Het ging om een Europese aanbesteding van twee Waterschappen voor het leveren, beheren/onderhouden en in stand houden van netwerkverbindingen. Het gunningscriterium betrof de laagste prijs. In de leidraad had de aanbestedende dienst vermeld dat commerciële en/of bedrijfsvertrouwelijke gegevens van leveranciers niet zouden worden gedeeld met derden. KPN en Proxsys hebben deelgenomen aan de aanbestedingsprocedure.
De Waterschappen hebben KPN bericht dat zij niet voor gunning in aanmerking kwam, omdat zij niet de laagste bieding had gedaan. In dit bericht hebben de Waterschappen tevens aangegeven dat zij voornemens waren de opdracht te gunnen aan de inschrijver met de laagste prijs, Proxsys. De prijs waarmee Proxsys had ingeschreven wilden de Waterschappen niet kenbaar maken. Volgens de Waterschappen hadden zij -door aan te geven dat Proxsys een lagere prijs had aangeboden- aan hun motiveringsplicht voldaan en betrof de inschrijfprijs bedrijfsvertrouwelijke informatie.

De voorzieningenrechter van de Rechtbank Rotterdam volgt dit standpunt van de Waterschappen. De rechter stelt voorop dat de gunningsbeslissing op grond van de Aanbestedingswet 2012 (artikel 2.130) de relevante redenen voor de beslissing dient te bevatten. De relevante redenen zijn volgens dit artikel in ieder geval de kenmerken en relatieve voordelen van de uitgekozen inschrijving, alsmede de naam van de begunstigde. Met de mededeling dat Proxsys heeft ingeschreven met de laagste prijs hebben de Waterschappen volgens de rechter de relevante redenen voor de gunningsbeslissing medegedeeld, omdat hiermee voor KPN duidelijk was waarom zij niet de winnende inschrijving had gedaan. De Waterschappen waren volgens de rechter niet gehouden om aan KPN haar plaats in de rangorde kenbaar te maken. Evenmin waren de Waterschappen gehouden om aan te geven met welke lagere prijs Proxsys had ingeschreven. Hierbij wijst de rechter er nog op dat de bepaling in de leidraad over het niet verstrekken van bedrijfsvertrouwelijke gegevens zich ook zou verzetten tegen openbaarmaking van de laagste prijs. De rechter wijst in dit verband op de stelling van Proxsys dat binnenkort een nieuwe soortgelijke aanbestedingsprocedure op de markt wordt gezet en dat –bij openbaarmaking van de prijs van Proxsys- KPN haar prijsop de prijs van Proxsys zou kunnen afstemmen.

De Rechtbank Rotterdam wijkt met deze uitspraak af van eerdere jurisprudentie. Tot op heden werd aangenomen dat -in afwijking van aanbestedingsprocedures met het gunningscriterium emvi / bpkv- bij het gunningscriterium laagste prijs de prijs van de winnaar bekendgemaakt dient te worden door de aanbestedende dienst. Dit ligt naar mijn mening ook voor de hand. De afgewezen inschrijver kan immers alleen op die manier nagaan of de aanbestedende dienst de gunningsbeslissing op juiste gronden heeft genomen. Heeft de winnende inschrijver daadwerkelijk met een lagere prijs ingeschreven? Heeft de winnende inschrijver wel een reële prijs aangeboden? De bedoeling van de motiveringsplicht is dat de afgewezen inschrijver zich op basis van de gunningsbeslissing kan beraden over het al dan niet aanvechten van de gunningsbeslissing. Wanneer bij een aanbestedingsprocedure met het gunningscriterium laagste prijs de rangorde en de prijs van de winnaar niet bekend worden gemaakt, is dit onmogelijk.

Daar waar het transparantiebeginsel één van de basisbeginselen van het aanbestedingsrecht is, is het te hopen dat de uitspraak van de voorzieningenrechter van de Rechtbank Rotterdam in de toekomst niet gevolgd zal worden.